Relatie en Depressie
Lezen is vrij, voor het grootste gedeelte van dit forum.
Wil je meedoen, wordt dan lid door je te registreren.
Activeer je lidmaatschap via de mail die je krijgt en log in.

Relatie en Depressie

Depressief of een depressie? Voor ieder, die hiermee te maken krijgt.Wat voor depressie dan ook.
 
IndexIndex  PortalPortal  FAQFAQ  RegistrerenRegistreren  InloggenInloggen  

Deel | 
 

 De cognitieve theorie

Ga naar beneden 
AuteurBericht
Fred



Aantal berichten : 158
Leeftijd : 71
Woonplaats : Bovenkarspel
Registration date : 14-01-09

BerichtOnderwerp: De cognitieve theorie   27/7/2011, 13:58

De cognitieve theorie

Centraal uitgangspunt van de cognitieve theorie is dat de manier waarop mensen gebeurtenissen interpreteren, bepalend is voor hun emoties en gedragingen. En dat de interpretatie van gebeurtenissen bepaald worden door basale of fundamentele assumpties of aannames.

Centraal staat dus het idee dat cognities, (d.w.z. gedachten, denkbeelden, opvattingen, meningen, aannames of overtuigingen) van grote invloed zijn op het gevoelsleven en het gedrag van mensen.

Basale of fundamentele assumpties zijn relatief stabiele en nogal hardnekkige en diepgewortelde overtuigingen over:
a. onszelf (“ik ben slim”, ik ben dom”)
b. de anderen (“anderen zijn behulpzaam”, “anderen zijn boosaardig, bedreigend en afwijzend”) en
c. de wereld (“de wereld is een uitdagend plaats”, “de wereld is vol gevaren”)
die in de eerste jaren van het leven door vroege ervaringen tot ontwikkeling komen.

De invloed van basale overtuigingen is zeer groot.
Ze bepalen welke informatie wordt waargenomen en welke niet (filterfunctie)
Ze bepalen hoe de informatie wordt geïnterpreteerd (betekenistoekenningsfunctie)
Ze bepalen welke herinneringen uit het geheugen worden opgehaald (herinneringsfunctie)
Ze bepalen welke actie moet worden ondernomen of nagelaten.

Ze bepalen dus hoe je gebeurtenissen interpreteert, ze bepalen m.a.w. je kijk op en je beleving van de wereld.
Ze kunnen functioneel of disfunctioneel, positief of negatief zijn. En dat maakt een groot verschil.
Disfunctionele overtuigingen en automatische gedachten zijn gedachten die niet passen bij de feiten en gaan gepaard met disfunctionele emoties en gedragingen.

Deze vroeg ontstane fundamentele overtuigingen komen tot uiting in min of meer automatische gedachten (b.v. “niemand wil met me omgaan”) of beelden (alleen en verlaten op het schoolplein) die in een bepaalde situatie opkomen. (b.v. horen hoe een collega een andere collega uitnodigt voor een feest)

Het zijn vooral twee typen fundamentele overtuigingen die frequent aanleiding geven tot psychische klachten, met name die welke geassocieerd zijn met hulpeloosheid en met niet-geliefd zijn.

Het zal duidelijk zijn: De cognitieve theorie gaat ervan uit dat de oorzaak en het blijven voortduren van psychische klachten of stoornissen gezocht moet worden in de fundamentele disfunctionele overtuigingen en automatische gedachten. De cognitieve therapie bestaat er dan ook uit dat die opgespoord, uitgedaagd en veranderd moeten worden.
Terug naar boven Ga naar beneden
http://www.bestaansverheldering.nl
Fred



Aantal berichten : 158
Leeftijd : 71
Woonplaats : Bovenkarspel
Registration date : 14-01-09

BerichtOnderwerp: Re: De cognitieve theorie   27/7/2011, 14:01

De cognitieve theorie


Centraal uitgangspunt van de cognitieve theorie is dat de manier waarop mensen gebeurtenissen interpreteren, bepalend is voor hun emoties en gedragingen. En dat de interpretatie van gebeurtenissen bepaald worden door basale of fundamentele assumpties of aannames.

Centraal staat dus het idee dat cognities, (d.w.z. gedachten, denkbeelden, opvattingen, meningen, aannames of overtuigingen) van grote invloed zijn op het gevoelsleven en het gedrag van mensen.

Basale of fundamentele assumpties zijn relatief stabiele en nogal hardnekkige en diepgewortelde overtuigingen over:
a. onszelf (“ik ben slim”, ik ben dom”)
b. de anderen (“anderen zijn behulpzaam”, “anderen zijn boosaardig, bedreigend en afwijzend”) en
c. de wereld (“de wereld is een uitdagend plaats”, “de wereld is vol gevaren”)
die in de eerste jaren van het leven door vroege ervaringen tot ontwikkeling komen.

De invloed van basale overtuigingen is zeer groot.
Ze bepalen welke informatie wordt waargenomen en welke niet (filterfunctie)
Ze bepalen hoe de informatie wordt geïnterpreteerd (betekenistoekenningsfunctie)
Ze bepalen welke herinneringen uit het geheugen worden opgehaald (herinneringsfunctie)
Ze bepalen welke actie moet worden ondernomen of nagelaten.

Ze bepalen dus hoe je gebeurtenissen interpreteert, ze bepalen m.a.w. je kijk op en je beleving van de wereld.
Ze kunnen functioneel of disfunctioneel, positief of negatief zijn. En dat maakt een groot verschil.
Disfunctionele overtuigingen en automatische gedachten zijn gedachten die niet passen bij de feiten en gaan gepaard met disfunctionele emoties en gedragingen.

Deze vroeg ontstane fundamentele overtuigingen komen tot uiting in min of meer automatische gedachten (b.v. “niemand wil met me omgaan”) of beelden (alleen en verlaten op het schoolplein) die in een bepaalde situatie opkomen. (b.v. horen hoe een collega een andere collega uitnodigt voor een feest)

Het zijn vooral twee typen fundamentele overtuigingen die frequent aanleiding geven tot psychische klachten, met name die welke geassocieerd zijn met hulpeloosheid en met niet-geliefd zijn.

Het zal duidelijk zijn: De cognitieve theorie gaat ervan uit dat de oorzaak en het blijven voortduren van psychische klachten of stoornissen gezocht moet worden in de fundamentele disfunctionele overtuigingen en automatische gedachten. De therapie bestaat er dan ook uit dat die opgespoord, uitgedaagd en veranderd moeten worden.
Terug naar boven Ga naar beneden
http://www.bestaansverheldering.nl
Fred



Aantal berichten : 158
Leeftijd : 71
Woonplaats : Bovenkarspel
Registration date : 14-01-09

BerichtOnderwerp: Re: De cognitieve theorie   27/7/2011, 14:02

ho, foutje , twee keer dezelfede tekst
Het volgende was de bedoeling, een aantal voorbeelden van negatieve gedachten.

Diep gewortelde negatieve overtuigingen.

1. Ik zal altijd alleen blijven.

2. Er is niemand die echt om me geeft of beschikbaar is om me te helpen.

3. Als anderen me echt zouden kennen zouden ze me afwijzen en niet in staat zijn om van me te houden.

4. Ik red het niet in mijn eentje, ik heb iemand nodig op wie ik kan terugvallen.

5. Ik moet mijn behoeften aanpassen aan de wensen va anderen, anders zullen ze me in de steek laten.

6. Ik heb geen controle over mezelf.

7. Ik kan geen zelfdiscipline opbrengen.

8. Ik weet niet wie ik ben of wat ik wil of wat mijn behoeften zijn

9. Ik moet volledige controle over mijn gevoelens hebben anders gaat het vreselijk mis.

10. Ik ben slecht en moet gestraft worden.

11. Als iemand een keer een belofte een keer niet nakomt is die persoon nooit eer te vertrouwen

12. Ik zal nooit krijgen wat ik verlang.

13. Als ik iemand vertrouw loop ik een groot risico gekwetst of teleurgesteld te worden.

14. Mijn gevoelens en meningen zijn onterecht.

15. Als je aan iemands verzoek voldoet loop je het risico jezelf kwijt te raken

16. Als je aan iemands verzoek weigert te voldoen loop je het risico die persoon te verliezen.

17. Andere mensen zijn slecht en zullen me misbruiken.

18. Ik ben machteloos en kwetsbaar en kan mezelf verdedigen.

19. Als andere mensen me echt leren kennen zullen ze me afstotend vinden.

20. Andere mensen zijn niet behulpzaam.

Welke herken je?

Terug naar boven Ga naar beneden
http://www.bestaansverheldering.nl
Fred



Aantal berichten : 158
Leeftijd : 71
Woonplaats : Bovenkarspel
Registration date : 14-01-09

BerichtOnderwerp: Re: De cognitieve theorie   27/7/2011, 15:26

Automatische gedachten en kernovertuigingen

Volgens de cognitieve theorie hebben mensen met een depressie last van twee soorten irrationele of disfunctionele denkfouten.

1. Automatische gedachten.
Dat zijn gedachten die telkens opspelen tijdens een depressie, zoals b.v.
“Ik word nooit meer beter”,
“Niemand vindt me de moeite waard”
“Ik doe ook alles fout”
Ze zitten vol denkfouten zoals overgeneralisatie en zwart-wit denken.
Het is van belang deze denkfouten recht te zetten, omdat ze de sombere stemming verergeren of in stand houden. Maar toch zijn ze niet de kern, niet de oorzaak van de depressie.
Die moet gezocht worden in de tweede soort disfunctionele gedachten, met name:

2. Kerncognities of schema’s.
Dat zijn de meer algemene denkpatronen die aan de automatische gedachten ten grondslag liggen. Het is een manier van in de wereld staan, zoals b.v. de overtuiging dat alles perfect moet gaan en dat het anders waardeloos is, of dat je alleen gelukkig kunt zijn als iedereen je aardig vind.

Beruchte voorbeelden van dergelijke kernovertuigingen zijn:
- Ik zal altijd alleen blijven. (thema verlating)
- Ik ben minderwaardig en niet geliefd, niemand zal ooit van me houden.(thema minderwaardigheid)
- Anderen zullen me kwetsen (thema wantrouwen)
- Ik ben hulpeloos en heb geen controle (thema machteloosheid)
- Aan mijn emotionele behoeften zal nooit tegemoet gekomen worden (thema emotioneel tekort)

Het is met dergelijke doemdenk-schema’s als met een auto.
Als je je auto naar de garage brengt omdat je denkt dat het koelsysteem lekt, zal de garage houder het lek opsporen door druk op het koelsysteem te zetten, om te zien waar het water eruit spuit.
Doemdenk-schema’s worden gemakkelijk geactiveerd door tegenslag of stress
M.a.w. je ziet ze pas goed als je onder druk staat.

Dit onder druk, stress of tegenslag in werking treden van depressief makende schema’s, noemt men cognitieve reactiviteit. Bij de een is die hoog en bij een ander - die dus blijkbaar in veel mindere mate depressief makende schema’s heeft - is die laag. Depressief makende schema’s zijn dus niet zomaar een bijverschijnsel van depressie, maar spelen een rol in de oorzaak.

Uiteraard heeft het ontstaan van dergelijke negatieve schema’s te maken met je levensgeschiedenis.
Vroeger opgedane ervaringen dus die zich hebben vastgezet in de vorm van diepgewortelde overtuigingen over jezelf, anderen en de toekomst.

De cognitieve theorie stelt dat het dergelijke diep ingeslepen gedachten of overtuigingen zijn die je gevoelens (depressief, angstig, eenzaamheid, schuld, schaamte) en je gedrag bepalen. Het is dus van groot belang je die bewust te worden, het waarheidsgehalte ervan te onderzoeken, m.a.w. je af te vragen of dat nu wel zo is en ze te vervangen door meer rationelere gedachten.


Terug naar boven Ga naar beneden
http://www.bestaansverheldering.nl
Fred



Aantal berichten : 158
Leeftijd : 71
Woonplaats : Bovenkarspel
Registration date : 14-01-09

BerichtOnderwerp: Re: De cognitieve theorie   27/7/2011, 15:38

De cognitieve theorie is vrij simple te begrijpen, maar om ook werkelijk je negatieve gedachten op te sporen, ze uit te dagen en ze te vervangen door meer rationele gedachten valt in de praktijk echt niet mee. Het volgende geeft een voorbeeld - het zogenaamde gedachtenschema -van hoe je dat zou kunnen doen.

Gedachtenschema.
- BANG en ENG -

Negatieve ervaringen uit de kindertijd of de jeugd hebben dikwijls een hardnekkige invloed die zich uit in zeer negatieve cognities (denkbeelden, gedachten, meningen, overtuigingen) over zichzelf en/of anderen.

Volgens de cognitieve theorie zijn het deze negatieve, uit het verleden stammende, hardnekkige, diep gewortelde, zichzelf in standhoudende en automatisch werkzame gedachten die een zeer negatieve invloed op het gevoelsleven en het interpersoonlijke gedrag (de omgang met anderen) hebben

De kernvisie van de cognitieve therapie is dus dat als men dergelijke negatieve, min of meer onbewuste en dus automatische werkzame gedachten kan opsporen en veranderen, ook het negatieve gevoel en gedrag verandert.

Daarbij speelt het serieus invullen van het gedachten-schema een belangrijke rol.
De bedoeling daarvan is om te gaan van Bang naar Eng.
BANG staat voor Belangrijkste Automatische Negatieve Gedachte.
ENG staat voor Evenwichtige Nieuwe Gedachte.

Het gedachten-schema bestaat uit zes onderdelen die kort en bondig, maar wel zeer serieus en nauwkeurig ingevuld moeten worden. Die onderdelen zijn:

1. Gebeurtenis.

2. Gevoel en Gedrag.

3. Automatische gedachte.

4. Bewijzen voor BANG (aanwijzingen en ervaringen)

5. Bewijzen tegen BANG (aanwijzingen en ervaringen)

6. Evenwichtige nieuwe gedachte (ENG).

(7. Het effect van ENG)

Het volgende voorbeeld betreft een jonge man met een negatief zelfbeeld en depressieve klachten, die door zijn broer gebeld wordt met de mededeling dat de afspraak om morgen langs te komen niet doorgaat.

In de sessie hebben hij en de therapeut daar uitvoerig over gesproken en ter plekke heeft de therapeut hem vervolgens stapje voor stapje het gedachten-schema kort en bondig laten invullen, met het volgende resultaat.

1.Gebeurtenis:
Donderdag, rond acht uur, mijn broer Roelof belt en zegt: “Ik kom morgen niet langs”
2.Gevoel en Gedrag.:
somber (90%) op de bank zitten en voor me uitstaren.
3.Automatische gedachte.
Hij wil niet komen omdat hij me niet belangrijk vindt, niemand vindt me belangrijk
4.Bewijzen voor BANG:
-hij was nors aan de telefoon
-hij vergat ook al de afspraak voor motorrijden laatst
5.Bewijzen tegen BANG.
-hij neemt wel de moeite om af te bellen.
-hij komt toch wel regelmatig op bezoek
-Een paar weken geleden\toonde hij zelf heel veel belangstelling voor mij
-Als hij op bezoek komt is hij altijd heel gezellig.
6.ENG
Mijn broer vindt me wel belangrijk, maar had gewoon geen tijd morgen.
7.effect van Eng.
Veel minder sober (nog maar 20%)

Dit lijkt simpel en dat is het in principe ook wel, maar de praktijk leert dat cliënten de oefening niet consequent uitvoeren elke keer als ze bij zichzelf een negatief of angstig gevoel constateren. Dus probeer dat wel te doen.

De bedoeling is dus dat je elke keer als je een negatief/depressief gevoel bij jezelf constateert, je kort en bonding het gedachtenschema invult.


Terug naar boven Ga naar beneden
http://www.bestaansverheldering.nl
Fred



Aantal berichten : 158
Leeftijd : 71
Woonplaats : Bovenkarspel
Registration date : 14-01-09

BerichtOnderwerp: Re: De cognitieve theorie   27/7/2011, 16:02

Tot nog toe lijkt het allemaal vrij simpel, maar in de schema-gerichte therapie van Jeffrey Young gaat men zeer diep in op deze thematiek.
Maar daarover maar eens een andere keer. Eerst maar eens wachten op erop gereageerd wordt.
Terug naar boven Ga naar beneden
http://www.bestaansverheldering.nl
Maria
Admin
avatar

Aantal berichten : 1256
Woonplaats : Zeeland
Registration date : 29-12-08

BerichtOnderwerp: Re: De cognitieve theorie   28/7/2011, 13:38

Mooie reeks voor onze bibliotheek, Fred.
Ik weet niet of er gereageerd gaat worden, maar zeker is het interessant leesvoer.

_________________
Groeten, Maria.
Relatie en Depressie.
Terug naar boven Ga naar beneden
http://psychosoof.actieforum.com
Fred



Aantal berichten : 158
Leeftijd : 71
Woonplaats : Bovenkarspel
Registration date : 14-01-09

BerichtOnderwerp: Re: De cognitieve theorie   28/7/2011, 17:45

Schemagerichte therapie

Negatieve ervaringen uit de kindertijd of de jeugd hebben dikwijls een hardnekkige invloed die zich uit in zeer negatieve cognities. Dat zijn diepgewortelde negatieve denkbeelden over zichzelf en anderen.
Deze negatieve, uit het verleden stammende, hardnekkige, diepgewortelde, zichzelf instandhoudende en automatisch werkzame gedachten worden ook wel schema’s genoemd. Ze beïnvloeden het gevoelsleven en het interpersoonlijke gedrag (het relationeel functioneren dus) negatief. Ze leiden dus tot disfunctioneren en min of meer ernstige klachten.

De schemagerichte therapie houdt zich bezig met het opsporen en veranderen van dergelijke negatieve schema’s,
Het grote aantal negatieve schema’s (men onderscheidt er 18) dat mensen kunnen hebben, kunnen in een vijftal thema’s of schemadomeinen worden verdeeld. Vijf belangrijke levensgebieden dus waarop het vroeger blijkbaar fout is gelopen, vijf ontwikkelingsbehoeften van kinderen die vroeger niet zijn vervuld, waardoor men niet tot een evenwichtig of harmonieus mens is uitgegroeid zodat men niet in staat is goed te functioneren in sociaal-maatschappelijk en relationeel opzicht en nu last heeft van allerlei klachten en symptomen.

Die vijf belangrijke basisbehoeften van opgroeiende kinderen waaraan moet zijn voldaan wil men uit kunnen groeien tot een zelfstandige en evenwichtige volwassene zijn:
1. Zich verbonden weten met en zich aanvaard weten door anderen.
2. Autonomie of zelfstandigheid en kunnen functioneren of presteren.
3. Realistische grenzen en zelfdiscipline.
4. Zichzelf richting kunnen geven.
5. Spontaan mogen en kunnen zijn en plezier kunnen beleven.

Als dat allemaal niet het geval is kunnen zich dus negatieve schema's ontwikkelen op elke van de vijf genoemde domeinen en de daarbij horende schema's.
Ik soms ze even op. Vijf schemadomeinen en 18 schema’s.

I. Onverbondenheid en afwijzing
1. Verlating (verlatingsangst)
2. Wantrouwen/misbruik.
3. Emotioneel te kort (emotionele verwaarlozing)
4. Tekortschieten/schaamte (minderwaardigheidsgevoelen)
5. Sociaal isolement.

II. Verzwakte autonomie en verzwakt functioneren.
6. Afhankelijkheid/incompetentie.
7. Kwetsbaarheid voor ziekte en gevaar.
8. Kluwen/onderontwikkelt zelf.
9. Mislukken.

III. Verzwakte grenzen.
10. Veeleisendheid/grootsheid.
11. Onvoldoende zelfcontrole/zelfdiscipline.

IV. Gerichtheid op anderen.
12. Onderwerping
13. Zelfopoffering
14. Goedkeuring/erkenning zoeken

V. Overmatige waakzaamheid en inhibitie(remming)
15. Negativisme/pessimisme.
16. Emotionele inhibitie.(geremdheid in het uiten van emoties dus)
17. Strenge normen/overkritisch zijn.
18. Bestraffendheid.

Elk van de 18 genoemde negatieve schema's worden natuurlijk in he thandboek uitvoerig be- en omschreven. Maar dat voert hier te ver.
Een belangrijk onderdeel van de shcema therapie is het begrip modus. daarover volgende keer.





Terug naar boven Ga naar beneden
http://www.bestaansverheldering.nl
Fred



Aantal berichten : 158
Leeftijd : 71
Woonplaats : Bovenkarspel
Registration date : 14-01-09

BerichtOnderwerp: Re: De cognitieve theorie   28/7/2011, 18:10

Modi.
0ver verschillende gedrags- en reactiepatronen.

Modi is het het meervoud van modus.
Een modus is een groep bijeenhorende cognities of gedachten en de daarbij horende gevoelens en gedragingen. Normaal gesproken vormen die gedachten, gevoelens en gedragingen een min of meer stabiel geheel bij psychisch gezond en evenwichtig functionerende volwassenen.

Maar soms kunnen mensen van de ene modus in de andere schieten. Niet dat er dan sprake is van een meervoudige persoonlijkheid (tegenwoordig dissociatieve identiteitsstoornis genoemd) maar men kan als het ware in verschillende “rollen” zitten met de daarbij horende gedrags- en reactiepatronen op mentaal, emotioneel en gedragsmatig gebied (dus wat betreft gedachten, gevoelens en gedrag).

In de schema focused therapy ( de schema gerichte therapie) heeft men die, in vier brede categorieën ondergebrachte modi of reactiepatronen, namen geven. In totaal onderscheidt men 10 van die modi. Hieronder volgt een opsommende omschrijving daarvan.

A. De kind modi:
1. Het Kwetsbare kind. Dat is het verlaten, misbruikte, het verwaarloosde of het afgewezen kind.
2. Het Boze kind is het deel dat kwaad is over onvervulde emotionele behoeften en dat uit in woede zonder acht
te slaan op de gevolgen
3. Het Impulsieve/ongedisciplineerde kind geeft uiting aan emoties, handelt op basis van zijn verlangens en
volgt zijn natuurlijke neigingen van moment tot moment en onbekommerd, zonder te letten op de eventuele
gevolgen voor zichzelf en anderen.
4. Bij het Gelukkige kind worden de emotionele basisbehoeften op dat moment vervuld.

B. Drie disfunctionele coping modi (coping is een manier van omgaat met…)
5. De Gedwee gehoorzame onderwerpt zich en wordt het passieve hulpeloze kind dat anderen hun zin moet
geven.
6. De Afstandelijke beschermer onttrekt zich psychisch aan pijn door emotioneel afstand te nemen,
psychoactieve middelen te gebruiken, andere mensen te mijden of andere vormen van escapisme
7. De Overcompenseerder vecht terug door anderen te mishandelen of door zich extreem te gedragen op een
manier die uiteindelijk ook disfunctioneel blijkt te zijn.

C.Twee disfunctionele oudermodi. (de geïnternaliseerde of "ingeslikte"ouder)
8. De Bestraffende ouder straft een van de kind modi omdat die “stout”is
9. De Veeleisende ouder oefent voortdurend dwang en druk uit op het kind om aan uitzonderlijk hoge normen te
voldoen.

10. De Gezonde Volwassene.
Dat is de modus die in de therapie getracht wordt te versterken door de cliënt te leren de andere modi te matigen, te koesteren of te helpen

Het zal duidelijk zijn: behalve de volwassene en het gelukkige kind zijn het allemaal disfunctionele, tot problemen leidende, reactiepatronen.

Nogmaals, elke van deze modi of reactiepatronen heeft zijn eigen Gedachten, Gevoelens en gedragingen. Dus:
1. Zijn eigen gedachtenpatronen of assumpties (aannames)
2. Zijn manier van doen of strategie.
3. De erbij horende emoties of gevoelens
4. De erbij horende moeilijkheden in een therapie.

Terug naar boven Ga naar beneden
http://www.bestaansverheldering.nl
Fred



Aantal berichten : 158
Leeftijd : 71
Woonplaats : Bovenkarspel
Registration date : 14-01-09

BerichtOnderwerp: Re: De cognitieve theorie   28/7/2011, 18:15

De vijf belangrijkste modi.
Schemagerichte therapie is geschikt voor zowel de meer ernstige problematiek als b.v. een borderline persoonlijkheidsstoornis als voor minder ernstige problematiek. In beide gevallen zijn de centrale thema’s vaak: verlating, misbruik, emotionele verwaarlozing, tekortschieten of falen, onderwerping en afhankelijkheid.
Het verschil zit hem dus niet in andere schema’s, maar in de mate van ernst of hardnekkigheid van de schema’s.
Een tweede verschil zit in het feit dat cliënten met meer ernstige problematiek extremere modi hebben en sneller wisselen tussen de modi.(meestal tot uiting komend in stemmingswisselingen)

De vijf belangrijkste modi die dikwijls kenmerkend zijn voor de meer ernstige of hardnekkige problematiek zijn:
1.Het Kwetsbare kind (dus het verlaten, het misbruikte, het emotioneel verwaarloosde of het afgewezen kind)
2.Het Boze en impulsieve kind.
3.De Bestraffende ouder.
4.De Afstandelijke beschermer.
5.De Gezonde volwassene.

1. Het Kwetsbare Kind
De modus het Kwetsbare kind (hetzij het verlaten kind, het misbruikte kind, het emotioneel verwaarloosde kind of het afgewezen kind) is het kind in de cliënt dat lijdt. Het is dat deel van de cliënt dat angst en pijn voelt.
Het Kwetsbare kind heeft het affect van een kind dat de weg kwijt is: bedroefd, bang, kwetsbaar, weerloos, verdrietig, wanhopig. De cliënt in deze modus maakt een overweldigde, hulpeloze indruk. In deze modus staat men in de wereld als een kind dat de zorg van een volwassene nodig heeft maar die niet krijgt. In deze modus komt men broos en kinderlijk over en maakt men een bange, verloren, onbeminde, indruk. Men voelt zich hulpeloos en bijzonder eenzaam en wordt geobsedeerd door het zoeken naar een ouder figuur die voor hen zorgt
Cliënten in deze modus lijken net heel kleine kinderen, onschuldig en afhankelijk.
De meer gezondere cliënten hebben een modus Kwetsbaar kind dat 4 jaar of ouder is, bij cliënten met een meer ernstige problematiek is dat veelal onder de vier jaar.
De meeste schema’s zijn een onderdeel van de modus het Kwetsbare kind. Het is de centrale modus bij het werken met schema’s. Uiteindelijk is dit de modus waarop de therapeutische inspanningen het meest gericht zijn.
De therapeut troost en biedt het Kwetsbare kind gedeeltelijke re-parenting in de therapeutische relatie als tegengif. De strategie is erop gericht de emotionele basisbehoefte te onderkennen, te accepteren en te bevredigen.

2. Het Boze/Impulsieve kind.
De modus Boos en impulsief kind overheerst wanneer de cliënt woedend is of zich impulsief gedraagt omdat niet in de emotionele basisbehoeften voorzien wordt. Het erbij horende affect is dat van een tot razernij gebracht, onbeheersbaar kind: schreeuwen, de verzorger aanvallen die de basisbehoeften van het kind frustreert, of impulsief handelen om die behoeften bevredigd te krijgen.
Als cliënten zich in deze modus bevinden luchten zij hun woede op een misplaatste manier. Ze kunnen razend, veeleisend, kleinerend, controlerend of grof worden. Ze handelen impulsief om hun behoeften bevredigd te krijgen en kunnen manipulatief of roekeloos lijken. Ze kunnen dreigen met zelfdoding en parasuïcidaal gedrag vertonen. Hulpverleners associëren deze modus veelal met cliënten met een borderline persoonlijkheidsstoornis.
Wanneer cliënten in deze modus verkeren is de algemene strategie van de therapeut om grenzen te stellen en de cliënt passende manieren te leren om met hun woede om te gaan en in hun behoeften te voorzien.

3. De Bestraffende ouder.
De modus Bestraffende ouder is de “ingeslikte” stem van de ouder die de cliënt kritiseert en straft.
Deze modus is een internalisering van de woede, haat, verachting, mishandeling, vernedering of onderwerping van de cliënt als kind door (een van) de ouders of anderen. Als die geactiveerd wordt, wordt de cliënt een kwelgeest, meestal van zichzelf. De toon van de modus Bestraffende ouder is streng, kritisch, onverzoenlijk.
In deze modus bestraft de cliënt zichzelf om dat hij iets verkeerds doet, bijvoorbeeld uitkomen voor behoeften of gevoelens.
Kenmerkend voor deze modus is zelfverachting, zelfkritiek, zelfontkenning en zelfdestructief gedrag.
Cliënten in deze modus worden hun eigen bestraffende, afwijzende ouder.
Als cliënten zich in deze modus bevinden is de algemene strategie van de therapeut de cliënt te helpen de bestraffende boodschap van de ouders af te wijzen en meer zelfrespect te ontwikkelen. De therapeut ondersteunt de behoeften en rechten van het Kwetsbare kind en tracht de Bestraffende ouder ten val te brengen en te vervangen.

4. De Afstandelijke beschermer.
In de modus Afstandelijke beschermer sluit de cliënt zich af voor alle emoties, verbreekt het contact met anderen en functioneert bijna als een robot. De modus afstandelijke beschermer heeft een vlak, emotieloos affect
Veel cliënten verkeren het grootste deel van de tijd in de modus afstandelijke beschermer. Deze modus heeft tot taak de emotionele behoeften de pas af te snijden, het contact met anderen te verbreken.
Cliënten in deze modus maken vaak een normale indruk. Het zijn “brave”cliënten. Ze doen alles wat e wordt en gedragen zich fatsoenlijk, verliezen niet hun beheersing over hun emoties.
Het probleem is dat cliënten in deze modus van hun behoeften en gevoelens zijn afgesneden. Soms gaan er hele sessies voorbij zonder dat de therapeut in de gaten heeft dat de cliënt bijna de hele tijd in de modus beschermer zit. De cliënt toont geen vooruitgang, maar glijdt van de ene sessie in de andere.
Kenmerkend voor deze modus is gevoelens van leegte, verveling, verslaving, psychosomatische klachten “blanco zijn”, mechanische meegaandheid. Vaak schiet men in deze modus om gevoelens te blokkeren wanneer die in de sessie geprikkeld worden.
De algemene strategie van de therapeut is erop gericht de cliënt te leren emoties te ervaren wanneer die zich voordoen, zonder ze te blokkeren, en dat ze contact maken met anderen en hun behoeften uiten.

5. De Gezonde volwassene.
Deze modus is het gezonde, volwassen deel van de cliënt dat een leidinggevende functie vervult t.o.v. de andere modi. De Gezonde volwassene helpt in de emotionele basisbehoeften van het kind te voorzien, gevoelens te uiten en contacten met anderen te leggen. De meeste cliënten hebben iets van deze modus, maar de effectiviteit ervan verschilt aanzienlijk. De modus Gezonde volwassene is soms bijzonder zwak en onderontwikkeld.
Men heeft dan dus geen troostende oudermodus om hen te kalmeren en voor hen te zorgen.
Het voornaamste doel van de therapie is dan ook de modus Gezonde volwassene op te bouwen zodat die:
a. het Kwetsbare kind kan koesteren en beschermen.
b. het Boze/Impulsieve kind kan leren beter met boosheid om te gaan en behoeften bevredigd te krijgen.
c. de Bestraffende ouder kan verslaan en verdrijven.
d. de Afstandelijke beschermer geleidelijk aan kan vervangen
De modus Gezonde volwassene heeft het affect van een sterke, liefhebbende ouder.

In de loop van de therapie is het de bedoeling dat cliënten de bejegening van hen door de therapeut en zijn gedrag ten opzichte van hen internaliseren als hun eigen modus Gezonde volwassene.
De modi zijn meestal snel te onderscheiden door de therapeut door te luisteren naar de intonatie waarmee de cliënt spreekt en door te observeren hoe die cliënt zich gedraagt. Uiteraard is het de bedoeling dat hij daar dan op reageert met strategieën die specifiek bedoeld zijn voor het werken met die modi.

In termen van psychische gezondheid zijn de Gezonde volwassene en het Kwetsbare kind het gezondst.
Daarna komt het Boze kind dat authentieke emoties en verlangens voelt, vervolgens de Afstandelijke beschermer die de controle houdt over het gedrag van de cliënt. De Bestraffende ouder tenslotte heeft geen bevrijdende kenmerken. De bestraffende ouder is op lange termijn het meest destructief voor de cliënt, het is immers het masochistische, zelfondermijnende deel van de cliënt.

Het zal duidelijk zijn: hoe ernstiger en hardnekkiger de problematiek, des te langer duurt de therapie.
Maar veel hangt ook af van het vermogen van de cliënt een vertrouwensrelatie op te bouwen, zijn motivatie en doorzettingsvermogen.





Terug naar boven Ga naar beneden
http://www.bestaansverheldering.nl
Fred



Aantal berichten : 158
Leeftijd : 71
Woonplaats : Bovenkarspel
Registration date : 14-01-09

BerichtOnderwerp: Re: De cognitieve theorie   29/7/2011, 11:04

De therapeutische relatie en Re-parenting.

In de schemagerichte therapie wordt (net als in de psychodynamische of psychoanalytische therapie) de therapeutische relatie gezien als een wezenlijk element in de diagnostiek en bij het veranderen van schema’s.

Het is bijna onvermijdelijk de cliënt op een gegeven moment zijn gebruikelijke, diep ingeslepen gedrags- en reactiepatroon (in gedachten, gevoelens en gedragingen - op basis van zijn schema’s) ook in de therapeutische relatie gaat vertonen, dus ten opzichte van de therapeut. Dus b.v.:
Iemand met een verlatingsschema zal ook vrezen dat de therapeut hem in de steek zal laten
Iemand met het schema wantrouwen/misbruik, zal zich ook t.o.v. de therapeut wantrouwend opstellen
Iemand met het schema emotioneel tekort denkt geen koestering/steun te kunnen verwachtend van de therapeut
Iemand met het schema tekortschieten/schaamte, zal veel schaamte gevoelens ervaren t.o.v. de therapeut
Iemand met het schema veeleisendheid zal dat ook doen t.o.v. de therapeut.
Iemand met een zelfopofferingschema zal de neiging hebben voor de therapeut te gaan zorgen
Enz, enz
M.a.w. het gedrag van de cliënt in de therapeutische situatie levert hypothesen op over de gebruikelijke gedrag van de cliënt bij belangrijke anderen

Terwijl psychoanalytische therapeuten dan spreken van overdracht, spreken schemagerichte therapeuten dan van activering van het schema en de coping-stijl in de therapeutische relatie. En is het de bedoeling dat tot onderwerp van gesprek te maken, zodat de cliënt zich bewust wordt van zijn schema’s en gebruikelijke coping-stijl.
Vaak kost het nogal wat overredingskracht de cliënt ertoe te brengen zijn schaamtegevoelens te overwinnen en vrijuit te spreken over zijn gedachten, gevoelens, behoeften, verlangens, angsten, fantasieën t.o.v. de therapeut.

Psychoanalytische therapeuten verwachten van cliënten dat zij daar vrijelijk over spreken ( vrije associatie noemen ze dat) maar nemen wat dat betreft een afwachtende houding aan en stellen er zelf geen vragen over, zodat dat soort therapie soms eindeloos lang kan duren. Schemagerichte therapeute doen dat wel

Het op empathische (= begripvolle) wijze confronteren van de cliënt met zijn geactiveerde schema’s en copingstijlen in de therapeutische situatie is niet zozeer een techniek, maar veeleer een bepaalde aanpak van de cliënt waarbij sprake is van een echte emotionele band. De therapeut moet oprecht om de cliënt geven, wil deze aanpak werken.

Maar de therapeutische relatie is niet alleen van belang voor de diagnostiek, dus het vaststellen van de schema’s en copingstijl, maar ook voor het veranderen daarvan. In dat kader past het begrip re-parenting. Dat wil zeggen dat de therapeut datgene biedt waaraan de cliënt behoefte had als kind maar van de ouders niet kreeg. (Dit in tegenstelling tot de vaak uiterst afstandelijke houding van psychoanalytici) Re-parenting wordt ook wel gratificatie of bevrediging van (kinderlijke) behoeften genoemd.

M.a.w. reparenting in de therapeutische relatie wordt gebruikt als een gedeeltelijk tegengif tegen de schema’s van de cliënt. Re-parenting biedt als het ware een “corrigerende emotionele ervaring” die bedoeld is als tegenwicht tegen de oude onaangepaste schema’s van de cliënt.

Omdat re-parenting steeds afhankelijk is van het unieke verleden van de cliënt als kind, moet de therapeut zijn stijl aanpassen aan de emotionele behoeften van de individuele cliënt. Afhankelijk van de schema’s moet de therapeut zich bijvoorbeeld concentreren op het opbouwen van een vertrouwensrelatie, het bieden van stabiliteit, het geven van emotionele koestering, het stimuleren van zelfstandigheid. De therapeut moet in de therapeutische relatie alles kunnen bieden wat gedeeltelijk als tegengif kan dienen voor de oude onaangepaste schema’s.
Het versnelt het therapeutische proces natuurlijk aan zienlijk als de cliënt eerlijk en open over zijn emotionele behoeften kan/wil/durft te spreken, wat lang niet altijd het geval is. We zeiden het al: schaamtegevoelens daarover zijn zeer remmend en maken vaak dat de therapie onnodig lang duurt.

Re-parenting is in het bijzonder waardevol bij cliënten die een schema hebben in het domein van Onverbondenheid en afwijzing, dus bij cliënten die als kind zijn misbruikt, verlaten of afgewezen of emotioneel te kort zijn gekomen. Hoe erger het trauma, des te belangrijk wordt re-parenting in de therapie. Cliënten met ernstige trauma’s hebben vaak meer (kinderlijke) behoeften en hebben soms extra contact nodig in de vorm van extra afspraken of telefoontjes tussen de sessies door. Uiteraard is er wel een grens aan de mogelijkheid van therapeuten tot extra aandacht, maar dat verschilt van therapeut tot therapeut.

Terug naar boven Ga naar beneden
http://www.bestaansverheldering.nl
Fred



Aantal berichten : 158
Leeftijd : 71
Woonplaats : Bovenkarspel
Registration date : 14-01-09

BerichtOnderwerp: Re: De cognitieve theorie   29/7/2011, 11:11

Gedragspatronen doorbreken.

Waar het uiteindelijk bij de schemagerichte therapie om gaat is dat de cliënt geholpen wordt zijn gedragspatronen – zijn of haar disfunctionele coping-stijlen - te veranderen. Met name dus het zich overgeven aan, het vermijden van of het overcompenseren van het diep ingewortelde schema. Vooral het opgeven van het vermijdingsgedrag vergt echt oefening en doorzettingsvermogen

Als dat doorbreken van diep ingeslepen gedrags- of reactiepatronen niet gebeurt, is terugval in het oude patroon zeer waarschijnlijk. Het is vaak dit onderdeel dat de meeste angst en dus weerstand oplevert.

Bij gedragsverandering gaat het dus om gedrag waarmee men zich aan oude schema’s overgeeft, of deze vermijdt of overcompenseert. Het is met andere woorden het zelfondermijnende of zelf destructieve gedrag wat men vertoont.

Concrete gedragsverandering komt echter pas aan de orde na de cognitieve en experientiele onderdelen van de therapie. Dus pas als men eigen onaangepaste schema of overtuiging kan benoemen en de oorsprong van die schema’s in de kindertijd heeft leren onderkennen. (Dat is het cognitieve/rationele/verstandelijke onderdeel).
En nadat men zich ook op het belevingsmatige/gevoelsmatige niveau bewust is geworden van de negatieve emotionele consequenties van zijn schema.(dat is het experientiele onderdeel van de therapie)

De eerste stap is dat therapeut en cliënt samen een uitgebreide lijst van concrete gedragingen en probleemsituaties opstellen die als doelwit van verandering dienen. Daarna overleggen ze welke van die problematische gedragingen de belangrijkste zijn.

En vervolgens stelt men vast wat het gezonde gedrag in die situaties zou zijn. Vaak is de cliënt zich er niet van bewust dat zijn/haar gedrag problematisch is en weet men niet wat gezond gedrag is.
Tenslotte kiest men een concreet gedrag uit dat als eerste moet veranderen

In tegenstelling met de klassieke gedragstherapie waarbij men met de gemakkelijkste stap begint, wordt in de schemagerichte therapie begonnen met het meest problematische gedrag dat de cliënt de meeste ellende bezorgt en het beroepsmatige of relationele functioneren het meest belemmert. (behalve in het geval dat een cliënt zich daardoor te overweldigd zou voelen, dan kiest men voor een secundair probleem)

Gedragsverandering houdt in dat je binnen de situatie blijft en toepasselijker leert reageren voordat je belangrijke levensbepalende veranderingen in de situatie aanbrengt (bijvoorbeeld een huwelijk beëindigen of een baan opzeggen) Dus in plaats van overhaaste conclusies te trekken over de onmogelijkheid van verandering, eerst werkelijk alles proberen om de situatie te verbeteren door een ander gedrags- en reactiepatroon te ontwikkelen.
Pas als je dat echt gedaan hebt kun je eventueel besluiten uit de situatie te stappen, maar dan in de wetenschap dat je echt geprobeerd hebt alles eraan te doen.

Het op een rijtje zetten van de voor- en de nadelen van het oude gedrag wil nog wel eens helpen om de motivatie om te veranderen te vergroten. Want als de cliënt het niet de moeite waard vind, zal hij/zij geen gedrags-
veranderingen proberen te bereiken.

Binnen de therapie kan middels imaginatie oefeningen of rollenspellen en het opstellen van een ‘herinneringskaart” (flashcart) al een beetje geoefend worden met nieuw gedrag.
Maar het is natuurlijk vooral de bedoeling dat men echt serieus buiten de therapie (“in het echt”) oefent met nieuw gedrag. Essentieel is dat het huiswerk en de daarbij opgelopen moeilijkheden in de therapie besproken worden

Vaak zal daarbij blijken dat het opgeven van het oude gedrag en het gaan vertonen van het nieuwe gedrag tegen blokkades aanloopt en dat dus de schema’s met de daaraan gekoppelde emoties hardnekkig zijn.
Niet zelden blijkt in de volgende sessie dat men niet echt geoefend heeft en daar allerlei excuses voor aandraagt: “Geen tijd, niet aan gedacht, te druk, enz”.


Terug naar boven Ga naar beneden
http://www.bestaansverheldering.nl
Fred



Aantal berichten : 158
Leeftijd : 71
Woonplaats : Bovenkarspel
Registration date : 14-01-09

BerichtOnderwerp: Re: De cognitieve theorie   29/7/2011, 11:27

Tenslotte geef ik een drietal wat meer uitgewerkte voorbeelden van negatieve schema's en hun consequenties. Met name Gebrek aan basisveiligheid, gebrek aan autonomie en Gebrek aan verbondenheid

Gebrek aan Basisveiligheid - over verlatingsangst en wantrouwen -

Om uit te kunnen groeien tot een zelfstandige, evenwichtige volwassene moet in de kindertijd aan een aantal fundamentele behoeften van kinderen worden voldaan. Een daarvan is de behoefte aan veiligheid.
Vanaf de babytijd is een gevoel van veiligheid van essentieel belang. Een kind heeft een veilige omgeving, een veilig thuis met voorspelbare ouders, die lichamelijk en emotioneel aanwezig zijn, nodig. Er ontwikkelt zich dan een gevoel van “basic trust”, basisveiligheid en basisvertrouwen.

Zonder zo’n gevoel van basisveiligheid is er niet veel mogelijk en stagneert de ontwikkeling.
Als er sprake was van de dreiging verlaten of mishandeld te worden, of als een van je ouders langdurige depressief of alcoholist was of veelvuldig woede uitbarstingen tentoonspreidde, ontwikkelen zich i.p.v een basisveiligheid, verlatingsangst en wantrouwen.

Verlatingsangst
Verlatingsangst is het gevoel dat mensen van wie je houdt je zullen verlaten, in de steek zullen laten en dat je helemaal alleen achter zal blijven. Je bent er bang voor dat ze dood zullen gaan, weg zullen lopen of je in de steek zullen laten. In het geval dat je een verlatingsangst ontwikkeld hebt, is het niet onwaarschijnlijk dat je je aan iedereen vastklampt. Gek genoeg loopt het er vaak op uit dat jij ze wegduwt. Soms is dat omdat je onevenredig boos en heftig reageert op de normaalste separaties. Soms is dat om te voorkomen dat anderen jouw verlaten. “Ik verlaat jou voordat je mij verlaat.” Ook is het mogelijk dat je je verliest in de ene na de andere destructieve relatie.

Wantrouwen
Bij wantrouwen staat de overtuiging centraal dat mensen je zullen kwetsen of misbruiken. Je meent zeker te weten dat ze je zullen bedriegen, zullen liegen, je manipuleren, je vernederen, je kwaad zullen doen, je pijn zullen doen of van je zullen profiteren. Je wantrouwen in anderen is zo groot is dat je iedereen met grote achterdocht benadert of relaties helemaal uit de weg gaat. Je laat mensen niet al te dicht bijkomen, of je doet maar alsof , terwijl je je in feite niet openstelt voor anderen. Of je gaat relaties aan met mensen die je inderdaad misbruiken, om je vervolgens boos en wraakzuchtig te voelen. Je wantrouwt de bedoelingen van mensen en je bent geneigd het ergste te denken.



Terug naar boven Ga naar beneden
http://www.bestaansverheldering.nl
Fred



Aantal berichten : 158
Leeftijd : 71
Woonplaats : Bovenkarspel
Registration date : 14-01-09

BerichtOnderwerp: Re: De cognitieve theorie   29/7/2011, 11:28

Gebrek aan Autonomie- over afhankelijkheid en kwetsbaarheid -


Om later uit te kunnen groeien tot een autonome of zelfstandige en evenwichtige volwassenen moeten in de kindertijd aan een aantal fundamentele behoeften van kinderen worden voldaan. Een daarvan is de behoefte aan autonomie of zelfstandigheid.

Autonomie of zelfstandigheid gaat over het vermogen los te komen van je ouders en een eigen leven te leiden.
Het is het gevoel dat je je eigen leven richting kunt geven en eigen doelen hebt, los van je ouders. Het is het vermogen om als individu te handelen, je hebt een eigen ik, een eigen zelf.

Als vroeger je ouders zelfstandigheid belangrijk vonden hebben ze je geleerd voor jezelf te zorgen, je aangemoedigd verantwoordelijkheid te dragen en een eigen oordeel te vormen. Ze hebben je niet te veel beschermd. Ze hebben je juist aangemoedigd om naar buiten te treden en met leeftijdgenoten om te gaan. Ze hebben je geleerd op eigen kracht te vertrouwen en je geholpen om een eigen identiteit te ontwikkelen.

Als dat niet het geval was, is de kans groot dat je als volwassene nog steeds afhankelijk bent van anderen of dat je jezelf heel kwetsbaar voelt. Mogelijk hebben je ouders je dan geen vaardigheden geleerd om je staande te houden of misschien hebben ze wel alles voor je gedaan en je pogingen dingen zelf te doen getorpedeerd.
Misschien waren ze overbezorgd en hebben ze je alsmaar voor alle mogelijke gevaren gewaarschuwd.
Je hebt niet geleerd dat je kunt vertrouwen op je eigen oordeel of beslissingen.

Afhankelijkheid
Als je afhankelijk bent voel je je niet in staat je in het dagelijkse leven staande te houden zonder steun van anderen. Als kind al had je het gevoel het echt niet alleen te kunnen. En nu je volwassen bent zoek je sterke figuren om op te steunen en je laat jouw leven door hen regelen. Je houdt jezelf klein, dat is duidelijk.
Als dit in extreme mate het geval is spreekt men van een afhankelijke persoonlijkheidsstoornis.
Leren dingen op eigen houtje te gaan ondernemen zonder voortdurend de steun en hulp van anderen in te roepen is essentieel voor je. Je zult daar hoogst waarschijnlijk veel angsten moeten leren overwinnen.

Kwetsbaarheid.
Onzelfstandigheid of afhankelijkheid en het gevoel kwetsbaar te zijn gaan dikwijls samen. Je leeft dan in de angst dat er ieder ogenblik een ramp kan gebeuren. Je ouders waren waarschijnlijk overbezorgd over jouw veiligheid en brachten hun eigen angsten bij jou in. Als kind heb je geleerd dat het leven niet veilig is. Je angsten zijn niet echt reëel maar toch beheersen ze je leven. Je bent gewoon bang voor alles.
Leren je angsten te overwinnen door het opgeven van het vermijdingsgedrag dat je waarschijnlijk vertoont, is essentieel voor jou als je een gevoel van veiligheid en zelfstandigheid wilt ontwikkelen


Terug naar boven Ga naar beneden
http://www.bestaansverheldering.nl
Fred



Aantal berichten : 158
Leeftijd : 71
Woonplaats : Bovenkarspel
Registration date : 14-01-09

BerichtOnderwerp: Re: De cognitieve theorie   29/7/2011, 11:29

Gebrek aan Verbondenheid.- over emotionele verwaarlozing en sociaal isolement -


Om later uit te kunnen groeien tot een zelfstandige, evenwichtige volwassene, moet in de kindertijd aan een aantal fundamentele behoeften van kinderen worden voldoen. Een daarvan is de behoefte aan verbondenheid.
Om een gevoel van verbondenheid te ontwikkelen heb je aandacht, liefde, respect, genegenheid en leiding nodig.

Er zijn twee soorten verbondenheid. Die hebben te maken met intimiteit en het gevoel ergens bij te horen.
1. Emotionele intimiteit (uitdrukking kunnen en durven geven aan wat er allemaal in je omgaat) had je – als het goed is - vroeger met je ouders en heb je nu je partner en/of hele goede vrienden.
2. De tweede soort verbondenheid - sociale verbondenheid - heeft men met de kennissenkring, het verenigings-
leven, de buren of met collega’s.
Als je vroeger de genoemde aandacht, liefde, respect, genegenheid en leiding hebt gehad, ontwikkelt het gevoel van verbondenheid zich als vanzelf.

Als er aan je gevoel van verbondenheid iets schort, valt dat vaak niet op. Je kunt een gezin hebben, een partner, of actief deelnemen aan de gemeenschap, maar van binnen voel je je er niet mee verbonden. Je voelt je alleen en verlangt naar een soort relatie die je niet hebt. Alleen een goede verstaander zou in de gaten hebben dat je niet echt een relatie aangaat met anderen. Je houdt iedereen op een afstand. Niemand mag echt dicht bij je komen.
Of je bent zelfs een echte eenling. Je was altijd al alleen.

Eenzaamheid is het centrale thema als je problemen hebt met verbondenheid.
Je kunt het gevoel hebben dat niemand je echt kent en om je geeft: emotionele verwaarlozing, of
Je voelt je alleen staan, alsof je nergens bij hoort: sociaal isolement

Emotionele verwaarlozing
Als je vroeger emotioneel verwaarloosd bent heb je nu hoogst waarschijnlijk de overtuiging dat jouw behoeften aan genegenheid nooit door anderen vervult zullen worden. Als het gaat om intieme relaties voelt je je juist aangetrokken tot mensen die nogal kil en terughoudend zijn. En doordat je zelf ook terughoudend bent, is de relatie gedoemd om onbevredigd te blijven. Je wordt heen en weer geslingerd tussen woede, eenzaamheid en gekwetstheid. En je boosheid of norsheid stoot weer mensen af en zo hou je je gevoel van tekortkomen in stand.
Eigen emoties leren onderkennen en leren durven uiten is dan essentieel voor jou om alsnog gevoelens van verbondenheid te ontwikkelen en goed te functioneren in intieme relaties.

Sociaal isolement.
Behalve het ontbreken van of het slecht functioneren in intieme relaties kun je ook last hebben van sociaal isolement. Vaak voelde je je als kind er al niet bij horen. Misschien had je iets bijzonders wat je anders maakte.
Je kunt je buitengesloten hebben gevoeld omdat andere kinderen je buitensloten. Daarom voelde je je ongewenst
Het is niet onwaarschijnlijk dat je nu als volwassene van mening bent dat je onaantrekkelijk bent of denken niet genoeg in je mars te hebben of dat je sociale vaardigheden tekort schieten of anderszins niet goed genoeg bent. En daar gedraag je je naar. Je vertoont waarschijnlijk veel vermijdingsgedrag. Je gaat het uit de weg om je ergens bij aan te sluiten of gedraagt je angstig en teruggetrokken in gezelschap. Misschien lijd je wel aan een sociale fobie of heb je vermijdende persoonlijkheidstrekken ontwikkeld.
Leren je angst voor anderen en je angst voor contact te overwinnen en leren je vermijdingsgedrag op te geven
is dan essentieel voor jou om de gevoelens van sociaal isolement te doorbreken.



Terug naar boven Ga naar beneden
http://www.bestaansverheldering.nl
Fred



Aantal berichten : 158
Leeftijd : 71
Woonplaats : Bovenkarspel
Registration date : 14-01-09

BerichtOnderwerp: Re: De cognitieve theorie   5/8/2011, 11:10

Voor wie eigen eventuele negatieve schema's wil ontdekken en wie bereid is daar enige tijd in te steken, is de onderstaande uitgebreide schemavragenlijst en het daarbij horende scoreformulier wellicht interessant. Het is wel een lange lijst hoor. Het zou het handigst zijn als de lijst aftedrukken zou zijn.

Schemavragenlijst

Instructies
Hieronder volgt een aantal beweringen die men kan gebruiken om zichzelf te beschrijven. Lees elke bewering en kijk hoe goed deze u beschrijft. Als u niet zeker bent van uw antwoord, baseer uw antwoord dan op wat u emotioneel voelt en niet op wat u denkt dat waar is. Kies vervolgens de score uit de cijfers 1 6 die op u van toepassing is en noteer het nummer in de ruimte voor de bewering.

Score schaal

1 = absoluut niet op mij van toepassing
2 = nauwelijks op mij van toepassing
3 = enigszins op mij van toepassing
4 = gemiddeld op mij van toepassing
5 = meestal wel op mij van toepassing
6 = geheel op mij van toepassing

Vragenlijst

1 …. Men was er niet voor mij destijds om mijn emotionele behoeften te vervullen.

2 …. Ik heb onvoldoend liefde en aandacht gekregen.

3 …. Voor het grootste deel heb ik niemand gehad op wie ik kon steunen voor advies en emotionele ondersteuning.

4 …. De meeste tijd heb ik niemand gehad die mij verzorgde, koesterde, dingen met mij
deelde of zich echt om mij bekommerde, die met me praatte over alles wat mij overkwam.

5 …. Voor een groot deel van mijn leven heb ik niemand gehad die een persoonlijke band
met mij wilde aangaan en veel tijd met mij wilde doorbrengen.

6 …. Over het geheel genomen waren er geen mensen om mij warmte, koestering te geven.

7 …. Een groot deel van mijn leven heb ik niet het gevoel gehad dat ik bijzonder ben voor iemand, in iemands hart een plekje heb.

8 …. Het grootste deel van mijn leven heb ik niemand gehad die echt naar mij luistert, mij begrijpt of zich richt op wat ik werkelijk nodig had of voelde.

9 …. Zelden had ik een sterk iemand die mij duidelijke raad gaf of richting aangaf als ik niet zeker wist wat ik moest doen.

*ed = emotionele deprivatie

10 …. Ik pieker erover dat de mensen van wie ik houd spoedig zullen over lijden, ook als ik daar medisch gezien geen reden voor.

11 …. Ik merk dat ik mij vastklamp aan mensen met wie ik een band heb omdat ik bang ben dat ze mij in de steek zullen laten.

12 …. Ik maak me zorgen dat mensen met wie ik een band voel mij in de steek zullen laten.

13 …. Ik heb het gevoel dat ik een stabiele basis voor emotionele steun mis.

14 …. Ik heb niet het gevoel dat voor mij belangrijke relaties lang duren, ik verwacht dat ze al snel eindigen.

15 …. Ik voel me prettig bij partners die niet in staat zijn om er op een toegewijde manier voor mij te zijn.

16 …. Uiteindelijk zal ik alleen overblijven.

17 …. Wanneer ik merk dat iemand om wie ik geef zich van mij terugtrekt, word ik wanhopig.

18 …. Soms ben ik er zo bezorgd over dat mensen mij in de steek zullen laten, dat ik ze wegstuur.

19 …. Ik raak over mijn toeren wanneer iemand mij alleen laat, zelfs al is het maar voor een korte periode.

20 …. Ik kan er niet op rekenen dat mensen die mij steunen er meestal zijn.

21 …. Ik kan mijzelf niet toestaan om echt vertrouwd te worden met andere mensen, omdat ik er niet zeker van kan zijn dat ze er altijd zullen zijn.

22 …. Het lijkt erop dat de belangrijkste mensen in mijn leven altijd maar komen en gaan.

23 …. Ik maak me veel zorgen dat de mensen om wie ik geef iemand anders zullen vinden aan wie ze de voorkeur geven en mij dan in de steek
zullen laten.

24 …. De mensen in mijn directe nabijheid waren erg onvoorspelbaar. Het ene moment waren ze beschikbaar en aardig voor mij. Het andere moment
waren ze boos, gespannen, alleen maar met zichzelf bezig, ruziënd, enzovoort.

25 …. Ik heb andere mensen zo hard nodig dat ik steeds pieker dat ik hen zal verliezen.

26 …. Ik voel me zo weerloos als ik geen mensen heb die mij beschermen, dat ik er veel over moet piekeren dat ik hen kwijt zal raken.

*ve = verlatingsangst

27 …. Ik heb het gevoel dat mensen van mij willen profiteren.

28 …. Ik heb vaak het gevoel dat ik mij moet beschermen tegen andere mensen.

29 …. Ik heb het gevoel dat ik op mijn hoede moet blijven in de aanwezigheid van andere mensen, omdat ze me anders bewust pijn zullen doen.

30 …. Als iemand aardig tegen mij doet, houd ik er rekening mee dat die persoon op iets uit is.

31 …. Het is slechts een kwestie van tijd voordat iemand mij verraadt/beduvelt.

32 …. De meeste mensen denken alleen aan zichzelf.

33 …. Ik heb er veel moeite mee om mensen te vertrouwen.

34 …. Ik ben tamelijk achterdochtig over de motieven van andere mensen.

35 …. Mensen zijn zelden eerlijk. Ze zijn gewoonlijk niet wat ze lijken.

36 …. Ik ben gewoonlijk op mijn hoede voor de geheime motieven van mensen.

37 …. Als ik denk dat iemand eropuit is mij schade te berokkenen, probeer ik als eerste hem schade toe te brengen.

38 …. Mensen moeten zich gewoonlijk eerst aan mij bewijzen voordat ik hen kanvertrouwen.

39 …. Ik zet valkuilen op voor andere mensen om te zien of ze mij de waarheid vertellen en het goed bedoelen.

40 …. Ik onderschrijf de mening: heers of word overheerst.

41 …. Ik word boos wanneer ik denk aan de manieren waarop ik door andere mensen gedurende mijn leven gemeen ben behandeld.

42 …. Gedurende mijn leven tot nu toe hebben diegenen met wie ik leef van mij geprofiteerd of mij gebruikt voor hun eigen voordeel.

43 …. Ik ben lichamelijk, emotioneel of seksueel misbruikt door belangrijke mensen in mijn leven.

*wa = wantrouwen

44 …. Ik hoor er niet bij.

45 …. Ik ben fundamenteel anders dan andere mensen.

46 …. Ik hoor nergens bij. Ik ben een 'loner', een Einzelgänger.

47 …. Ik voel me vervreemd van andere mensen.

48 …. Ik voel me geïsoleerd en alleen.

49 …. Ik voel me altijd buiten groepen staan.

50 …. Niemand begrijpt mij echt.

51 …. Mijn familie was altijd anders dan andere families.

52 …. Soms heb ik het gevoel dat ik een buitenaards wezen ben.

53 …. Als ik morgen zou verdwijnen, zou niemand dat merken.

*si= sociale isolatie

54 …. Geen man/vrouw naar wie ik verlang zou van mij kunnen houden als hij/zij mijn tekorten/defecten zou zien.

55 …. Niemand naar wie ik verlang zou graag in mijn directe nabijheid willen blijven als hij/zij mijn echte ik zou kennen.

56 …. Ik ben in wezen gebrekkig en niet in orde.

57 …. Het doet er niet toe hoe hard ik het probeer, ik heb het gevoel dat ik niet in staat bente zorgen dat een man/vrouw die ik belangrijk vind, mij zal
respecteren of als waardevol zal beschouwen .

58 …. Ik ben de liefde, aandacht en het respect van anderen niet waard.

59 …. Ik heb het gevoel dat ik niet beminnenswaard ben.

60 …. Ik ben fundamenteel te onacceptabel om mijzelf aan anderen te kunnen laten zien.

61 …. Als anderen mijn fundamentele fouten of tekorten zouden ontdekken zou ik mijn gezicht niet meer kunnen laten zien.

62 …. Wanneer mensen mij mogen, heb ik het gevoel dat ik hen beduvel.

63 …. Vaak voel ik mij aangetrokken tot mensen die erg kritisch zijn naar mij of mij afwijzen.

64 …. Ik heb innerlijke geheimen waarvan ik niet wil dat mensen in mijn directe omgeving die
ontdekken.

65 …. Het is mijn schuld dat mijn ouders niet genoeg van mij hielden.

66 …. Ik laat mensen mijn ware zelf niet kennen.

67 …. Mijn grootste angst is dat mijn tekorten zichtbaar zullen worden.

68 …. Ik kan niet begrijpen hoe iemand van mij zou kunnen houden.

*ds = defect/schaamte

69 …. Bijna niets van wat ik op mijn werk (school) doe is zo goed als wat andere mensendoen.

70 …. Ik ben onbekwaam wanneer ik iets moet bereiken/presteren.

71 …. De meeste andere mensen hebben meer in hun mars dan ik op het gebied van werk en carrière.

72 …. Ik ben een mislukkeling,

73 …. Ik ben niet zo talentvol als de meeste mensen op mijn werk/school.

74 …. Ik ben niet zo intelligent als de meeste mensen op mijn werk of school.

75 …. Ik voel mij vernederd door mijn tekorten en onhandigheden in de werksfeer.

76 …. Ik raak vaak van mijn stuk bij andere mensen omdat ik qua vaardigheden niet tegen hen op kan.

77 …. Vaak vergelijk ik mijn vaardigheden met die van anderen en heb ik het gevoel dat zij veel succesvoller zijn.

*fa= falen/mislukken

78 …. Ik voel me niet in staat om mijzelf te redden/staande te houden in het dagelijkse leven.

79 …. Ik heb andere mensen nodig om mij te helpen me te redden/te handhaven/staande tehouden.

80 …. Ik heb niet het gevoel dat ik op eigen kracht de dingen aankan.

81 …. Ik geloof dat andere mensen beter voor mij kunnen zorgen dan ik dat zelf kan.

82 …. Ik heb er moeite mee om naast mijn werk nieuwe taken aan te kunnen, tenzij ik iemand heb die mij leidt.

83 …. Ik zie mijzelf als een afhankelijke persoon wanneer het gaat om het dagelijks functioneren.

84 …. Ik maak van alles wat ik probeer een puinhoop, zelfs buiten mijn werk.

85 …. Ik ben onhandig op de meeste levensgebieden.

86 …. Wanneer ik op mijn eigen oordeel vertrouw in dagelijkse situaties, neem ik de verkeerde beslissing.

87 …. Ik mis gezond verstand.

88 …. Op mijn oordeel kan in dagelijkse situaties niet vertrouwd worden.

89 …. Ik heb niet het gevoel te kunnen vertrouwen op mijn vermogen om dagelijkse problemen die zich voordoen op te lossen.

90 ….. Ik heb het gevoel dat ik iemand nodig heb om op te vertrouwen, die mij raad geeft over praktische zaken.

91 ….. Ik voel me meer als een kind dan als een volwassene wanneer het aankomt op het hanteren van dagelijkse verantwoordelijkheden.

92 …. Ik vind dat de verantwoordelijkheden van alledag mij overweldigen.

*ai = afhankelijkheid/incompetentie

93 …. Ik schijn niet aan het gevoel te kunnen ontsnappen dat er een of ander onheil staat te gebeuren.

94 …. Ik heb het gevoel dat een ramp (natuurramp, criminaliteit, financieel, of medisch) op elk moment kan toeslaan.

95 …. Ik maak me er zorgen over dat ik op straat zal komen te staan of een zwerver zalworden.

96 …. Ik maak me er zorgen over dat ik aangevallen zal worden.

97 …. Ik neem bijzondere voorzorgsmaatregelen om te voorkomen dat ik ziek zal worden of gewond zal raken.

98 …. Ik maak me zorgen dat ik een ernstige ziekte zal krijgen, ook al is er niets ernstigs geconstateerd door de dokter.

99 …. Ik ben een angstig mens.

100 …. Ik maak me veel zorgen over de kwade dingen die er in de wereld gebeuren: misdaad, vervuiling, en dergelijke.

101 …. Vaak heb ik het gevoel dat ik gek word.

102 …. Ik heb vaak het gevoel dat ik een angstaanval zal krijgen.

103 …. Vaak maak ik mij zorgen dat ik een hartaanval krijg, ook al is er weinig medische reden om bezorgd te zijn.

104 …. Ik heb het gevoel dat de wereld een gevaarlijke plaats is.

*kw = kwetsbaarheid

105 …. Ik ben niet in staat geweest om mij los te maken van mijn ouder(s) op de manier zoals andere mensen van mijn leeftijd dat schijnen te doen.

106 …. Mijn ouder(s) en ik hebben de neiging om overbetrokken te zijn op elkaars levens en elkaars problemen.

107 …. Het is erg moeilijk voor mijn ouder(s) en mij om intieme details voor zich te houden, zonder het gevoel verraden te worden of schuldig te zijn.

108 …. Mijn ouder(s) en ik moeten elkaar bijna iedere dag spreken of anders voelt een van ons zich schuldig, pijn gedaan, teleurgesteld of alleen.

109 …. Vaak heb ik het gevoel dat ik geen aparte identiteit heb, los van mijn ouders of partner.

110 …. Vaak heb ik het gevoel alsof mijn ouders leven door mij; ik heb geen leven voor mijzelf.


111 …. Het is erg moeilijk voor mij om afstand te bewaren tot de mensen met wie ik een band heb; ik heb er moeite mee om een apart zelfgevoel te hebben.

112 …. Ik ben zo betrokken op mijn partner (mijn ouders) dat ik niet echt weet wie ik ben of wat ik wil.

113 …. Ik heb er moeite mee om mijn visie of mening los te maken van die van mijn ouders of mijn partner.

114 …. Vaak heb ik het gevoel dat ik geen privacy heb wanneer ik bij mijn ouders of mijn partner ben.

115 …. Ik heb het gevoel dat ik mijn ouders veel pijn doe wanneer ik op mijzelf ga wonen of er weg van hen.

*vz = verstrengeld zelf

116 …. Ik geef andere mensen hun zin, omdat ik bang ben voor de gevolgen.

117 …. Ik denk dat ik vraag om moeilijkheden als ik doe wat ik zelf wil.

118 …. Ik heb het gevoel dat ik geen andere keus heb dan toe te geven aan de verlangensvan andere mensen, omdat ze anders wraak zullen nemen
of mij op een of andere manier zullen afwijzen.

119 …. In relaties laat ik de andere persoon de baas spelen.

120 …. Ik heb altijd anderen keuzes voor mij laten maken, dus ik weet werkelijk niet wat ik zelf wil.

121 …. Ik heb het gevoel dat de belangrijkste beslissingen in mijn leven niet echt mijn eigen beslissingen waren.

122 …. Ik maak me er altijd een hoop zorgen over of ik het de ander naar de zin maak, zodat ze mij niet zullen afwijzen.

123 …. Ik heb er grote moeite mee om te eisen dat mijn rechten worden gerespecteerd en dat met mijn gevoelens rekening wordt gehouden.

124 …. Ik pak mensen op subtiele manieren terug in plaats van openlijk mijn boosheid te tonen.

125 …. Ik zal veel verder gaan dan de meeste mensen om confrontaties te vermijden.

*on = onderwerping

126 …. Ik plaats andermans behoeften boven die van mijzelf, anders voel ik mij schuldig.

127 …. Ik voel mij schuldig wanneer ik andere mensen laat vallen of hen teleurstel.

128 …. Ik geef meer aan andere mensen dan ik terugkrijg.

129 …. Ik ben degene die altijd moet zorgen voor de mensen direct om mij heen.

130 …. Ik accepteer bijna alles van iemand die ik liefheb.

131 …. Ik ben een goed mens omdat ik meer aan anderen denk dan aan mijzelf.

132 …. Op het werk ben ik meestal degene die vrijwillig extra taken doet of extra tijd investeert.

133 …. Het maakt niet uit hoe druk ik liet heb, ik kan altijd tijd voor anderen vrij maken.

134 …. Ik kan mezelf met heel weinig redden omdat mijn behoeften minimaal zijn.

135 …. Ik ben alleen gelukkig wanneer de mensen om mij heen gelukkig zijn.

136 …. Ik ben zo druk bezig dingen te doen voor mensen om wie ik geef, dat ik weinig tijd heb voor mezelf

137 …. Ik ben altijd degene geweest die luistert naar de problemen van een ander.

138 …. Ik voel me meer op mijn gemak als ik een cadeau geef dan wanneer ik een cadeau krijg.

139 …. Andere mensen zien mij als iemand die te veel doet voor anderen en niet genoeg voor zichzelf

140 …. Het maakt niet uit hoeveel ik geef, het is nooit genoeg.

141 …. Als ik doe wat ik wil voel ik mij erg ongemakkelijk.

142 …. Het is erg moeilijk voor mij om anderen te vragen voor mijn behoeften te zorgen.

*zo = zelfopoffering

143 ….. Het is belangrijk voor me dat bijna iedereen die ik ken me aardig vindt.

144 … Ik doe mijn best mij zo te gedragen, dat de mensen met wie ik ben me aardig vinden.

145 … Ik doe mijn best om in een gezelschap te passen.

146 … Mijn gevoel van eigenwaarde is grotendeels afhankelijk van hoe anderen mij zien.

147 … Veel geld hebben en belangrijke mensen kennen geven mij het gevoel waardevol te zijn.

148 … Ik besteed veel aandacht aan mijn uiterlijk zodat anderen me op waarde schatten.

149 … Succes is voor mij pas echt belangrijk als anderen het zien.

150 … Ik doe zo mijn best om me naar de wensen van mijn gezelschap te gedragen, dat ik soms niet meer weet wie ik zelf nou ben.

151 … Ik vind het moeilijk mijn eigen besluiten te nemen zonder er rekening mee te houden hoe anderen op mijn keuzen reageren.

152 … Als ik terug kijk naar de belangrijke besluiten die ik in mijn leven genomen heb, dan weet ik dat ik de meeste genomen heb op grond van de
overtuiging dat anderen ze goedkeurde.

153 … Ook al mag ik iemand niet dan nog wil ik dat die persoon mij wel aardig vindt.

154 … Alleen als ik veel aandacht krijg voel ik me niet de mindere.

155 … Als ik opmerkingen maak tijdens een bijeenkomst of voorgesteld wordt op een vergadering, dan hoop ik op erkenning en bewondering.

156 … Als ik veel geprezen wordt en complimenten krijg, voel ik me een interessant en waardevol.

* gz = goedkeuring zoeken

157 …. Ik maak me zorgen dat ik de controle verlies over mijn handelen.

158 …. Ik maak me zorgen dat ik iemand lichamelijk of emotioneel ernstig zou kunnenverwonden/pijn doen als ik de controle verlies over mijn woede.

159 …. Ik heb het gevoel dat ik mijn emoties en impulsen onder controle moet houden om te zorgen dat er niets naars gebeurt.

160 …. Er ligt een hoop woede en wrok in mij opgestapeld die ik niet uit.

161 …. Ik let te veel op mijzelf om positieve gevoelens naar anderen te kunnen tonen (bijv. warmte, laten zien dat ik om de ander geef).

162 …. Ik word er verlegen van als ik mijn gevoelens naar anderen uit.

163 …. Ik vind het moeilijk om warm en spontaan te zijn.

164 …. Ik heb mijzelf zo onder controle dat mensen denken dat ik geen emoties heb.

165 …. Mensen zien mij als een gespannen iemand.

*ei = emotionele inhibitie (geremdheid)

166 …. Ik moet de beste zijn bij alles wat ik doe; ik kan niet een tweede plaats accepteren.

167 …. Ik streef ernaar om bijna alles perfect in orde te hebben.

168 …. De meeste tijd moet ik er op mijn best uitzien.

169 …. Ik probeer mijn uiterste best te doen; ik neem geen genoegen met 'goed genoeg'.

170 …. Ik moet zo veel doen dat ik bijna geen tijd heb om echt te ontspannen.

171 …. Bijna niets wat ik doe is goed genoeg. Het kan altijd beter.

172 …. Ik moet al mijn verantwoordelijkheden nakomen.

173 …. Ik voel dat er constant een druk op mij ligt om te presteren en om dingen gedaan te krijgen.

174 …. Mijn relaties lijden eronder dat ik mijzelf zo opzweep/opjaag.

175 …. Mijn gezondheid lijdt eronder dat ik mijzelf zo onder druk zet om de dingen goed te doen.

176 …. Ik offer vaak mijn genoegens en pleziertjes op om te kunnen voldoen aan de eisen die ik aan mezelf stel.

177 …. Wanneer ik een fout maak, verdien ik ongezouten kritiek.

178 …. Ik stel zulke hoge eisen aan mijzelf dat, als ik een fout maak, ik mijzelf niet gemakkelijk vergeef of me excuseer voor mijn fouten.

179 …. Ik ben een erg competitief/wedijverend persoon.

180 …. Ik hecht veel belang aan geld of status.

181 …. Ik moet wat betreft mijn optreden altijd 'nummer één' zijn.

*oo= overkritisch

182 …. Ik heb er grote moeite mee om 'neen' als antwoord te accepteren als ik iets van andere mensen wil.

183 …. Ik word vaak boos of geïrriteerd wanneer ik niet kan krijgen wat ik wil.

184 …. Ik ben een bijzonder mens en zou niet zo veel van de beperkingen moeten te hoevenaccepteren zoals die aan andere mensen worden
opgelegd.

185 …. Ik haat het om ingeperkt te worden of weerhouden te worden van wat ik wil doen.

186 …. Ik heb vaak het gevoel dat ik niet de regels en conventies hoef te volgen zoals andere mensen.

187 …. Ik heb het gevoel dat wat ik te bieden heb van grotere waarde is dan de bijdragen van anderen.

188 …. Gewoonlijk geef ik aan mijn behoeften voorrang boven de behoeften van anderen.

189 …. Vaak merk ik dat ik zo bezig ben met mijn eigen prioriteiten dat ik geen tijd kan vrijmaken voor vrienden of familie.

190 …. Mensen zeggen mij vaak dat ik erg de controle houd over de manier waarop dingen gedaan worden.

191 …. Ik raak erg geïrriteerd wanneer mensen niet doen wat ik van hen vraag.

192 …. Ik kan het niet verdragen als andere mensen mij vertellen wat ik moet doen.

*gg = gerechtigdheid/grandiositeit

193 …. Ik heb er grote moeite mee om te stoppen met drinken, roken, te veel eten, of met andere problematische gedragingen.

194 …. Ik schijn mijzelf niet de discipline op te kunnen leggen om routinetaken of vervelende taken af te maken.

195 …. Vaak sta ik mijzelf toe om toe te geven aan mijn impulsen en uiting te geven aan mijn emoties, wat me in moeilijkheden brengt of andere
mensen pijn doet.

196 …. Wanneer ik mijn doel niet bereik, raak ik gemakkelijk gefrustreerd en geef ik op.

197 …. Ik vind het erg moeilijk om onmiddellijke bevrediging op te geven om lange termijn doelen te bereiken.

198 …. Vaak gebeurt het dat ik mij niet kan beheersen als ik boos word.

199 …. Ik heb de neiging om dingen te overdrijven, ook al weet ik dat het niet goed voor me is, zoals dagelijks overwerken tot 21.00 uur.

200 …. Ik verveel me erg gemakkelijk.

201 …. Wanneer taken moeilijk worden, kan ik gewoonlijk niet doorzetten en ze afmaken.

202 …. Ik kan me niet al te lang op iets concentreren.

203 …. Ik kan mijzelf niet dwingen om dingen te doen die ik niet leuk vind, zelfs niet als ik weet dat het in mijn eigen belang is.

204 …. Ik verlies mijn zelfbeheersing bij de geringste belediging.

205 …. Ik ben zelden in staat om vast te houden aan mijn besluiten.

206 …. Ik kan mijzelf bijna nooit inhouden om mensen te laten zien hoe ik mij echt voel, ongeacht wat de consequentie van mijn gedrag kan zijn.

207 …. Vaak doe ik dingen impulsief, waar ik later spijt van heb.

*oz = onvoldoende zelfcontrole

208 … Als alles meezit heb ik het gevoel dat het maar kort zal duren.

209 … Als er iets goeds gebeurt dan denk ik dat er iets naars op zal volgen.

210 … Je kunt et voorzichtig genoeg zijn, er kan altijd iets mis lopen.

211 … Hoe veel werk ik ook heb, ik ben altijd bang dat ik werkeloos wordt en geldzorgen krijg.

212 … Ik ben bang dat één verkeerd besluit tot een ramp kan leiden

213 … Ik maak me vaak druk over kleine besluiten omdat de consequenties van een vergissing mij zo ernstig lijken.

214 … Ik ga er liever van uit dat iets wel mis zal lopen om me de teleurstelling als het misloopt te besparen.

215 … Ik heb meer oog voor de negatieve zaken van het even dan de positieve.

216 … Ik ben pessimistisch van aard.

217 ….. Mensen uit mijn directe omgeving zien mij als een piekeraar.

218 … Ik voel me niet prettig als mensen ergens te enthousiast van worden en krijg dan de neiging ze te waarschuwen dat het ook mis kan gaan.

*neg = negativisme/pessimisme

219 … Als ik een fout maak heb ik straf verdiend.

220 … Als ik niet mij uiterste best doe, dan moet ik er van uit gaan dat het misloopt.

221 … Als ik een fout maak dan is daar geen excuus voor.

222 … Mensen die hun eigen boontjes niet doppen, zouden op de een of andere mannier moeten worden aangepakt.

223 … Ik neem niet snel excuses van anderen aan omdat ze vaak hun verantwoordelijkheden niet accepteren en de consequenties niet willen dragen.

224 … Als ik me ergens niet toe kan zetten dan moet ik ook zelf de gevolgen dragen.

225 … Ik denk vaak aan de dingen die ik fout heb gedaan en dan wordt ik boos op mezelf.

226 … Als iemand iets naars heeft gedaan dan kan ik dat maar moeizaam vergeven en vergeten.

227 … Ik kan iemand moeilijk vergeven ook al heeft hij zijn excuus aangeboden.

228 … Het irriteert me als iemand na een fout er te makkelijk vanaf komt.


229 … Het maakt me kwaad als iemand excuses voor zichzelf verzint of anderen de schuld geven voor hun eigen problemen.

230 … Het maakt niet uit waarom iets misging, als ik iets verkeerd doe moet ik de gevolgen ragen.

231 … Ik scheld mezelf uit voor de vele stomme dingen die ik gedaan heb.

232 … Ik ben een slecht mens en verdien straf.

*bes = bestrafferigheid.

Scoreformulier

Instructie. Na een aantal vragen zie je een * met toevoeging. Zo zie je tussen vraag 9 en 10; *ed. Tel de scores van vraag 1 t/m 9 bij elkaar op en zet het totaal bij *ed. Vervolgens zie je tussen vraag 26 en 27; *ve staan. Daar zet je het totaal van de vragen 10 t/m 26. Ga zo door tot dat er bij elk * een score staat. Neem je scores over op het formulier in de kolom “totaal”. Daarna zoek je het interval waar in je score valt. Omcirkel het betreffende score-interval.

Score Laag gemiddeld hoog zeer hoog

Onverbondenheid totaal
Emotionele deprivatie *ed 9-18 19-27 28-36 37-54

Verlatingsangst *ve 17-34 35-52 53-68 69-102

Wantrouwen *wa 17-34 35-52 53-68 69-102

Sociale isolatie *si 10-20 21-30 31-40 41-60

Defect / schaamte *ds 15-30 31-45 46-60 61-90


Verzwakte autonomie
Falen / mislukken *fa 9-18 19-27 28-36 37-54

Afhankelijk / incompetentie *ai 15-30 31-45 46-60 61-90

Kwetsbaarheid * kw 12-24 25-36 37-48 49-72

Verstrengeld zelf *vz 11-22 23-33 34-44 45-66


Gerichtheid op anderen
Onderwerping *on 10-20 21-30 31-40 41-60

Zelfopoffering *zo 17-34 35-52 53-68 69-102

Goedkeuring zoeken *gz 14-28 29-42 43-56 57-84


Waakzaamheid en inhibitie
Emotionele inhibitie *ei 9-18 19-27 28-36 37-54

Onverbiddelijke hoge eisen /
over kritisch *oo 16-32 33-48 49-64 65-96


Verzwakte grenzen
Gerechtigdheid / grandiositeit *gg 11-22 23-33 34-44 45-66

Onvoldoende zelfcontrole *oz 15-30 31-45 46-60 61-90


[b]Sombere houding[/b
]Negativisme / pessimisme *ne 11-22 23-33 34-44 45-66

Bestraffende houding *bes 1 4-28 29-42 43-56 57-84


Terug naar boven Ga naar beneden
http://www.bestaansverheldering.nl
Fred



Aantal berichten : 158
Leeftijd : 71
Woonplaats : Bovenkarspel
Registration date : 14-01-09

BerichtOnderwerp: Re: De cognitieve theorie   5/8/2011, 11:14

hm... er is bliojkbaar iets fout gegaan bij het verzenden van het socre fourmulier.
Zal eens kijken of ik dat nog eens kan verzenden.








Terug naar boven Ga naar beneden
http://www.bestaansverheldering.nl
Fred



Aantal berichten : 158
Leeftijd : 71
Woonplaats : Bovenkarspel
Registration date : 14-01-09

BerichtOnderwerp: Re: De cognitieve theorie   5/8/2011, 11:22

Scoreformulier

Instructie Na een aantal vragen zie je een * met toevoeging. Zo zie je tussen vraag 9 en 10; *ed. Tel de scores van vraag 1 t/m 9 bij elkaar op en zet het totaal bij *ed. Vervolgens zie je tussen vraag 26 en 27; *ve staan. Daar zet je het totaal van de vragen 10 t/m 26. Ga zo door tot dat er bij elk * een score staat. Neem je scores over op het formulier in de kolom “totaal”. Daarna zoek je het interval waar in je score valt. Omcirkel het betreffende score-interval.

Score Laag gemiddeld hoog zeer hoog

Onverbondenheid totaal
Emotionele deprivatie *ed 9-18 19-27 28-36 37-54

Verlatingsangst *ve 17-34 35-52 53-68 69-102

Wantrouwen *wa 17-34 35-52 53-68 69-102

Sociale isolatie *si 10-20 21-30 31-40 41-60

Defect / schaamte *ds 15-30 31-45 46-60 61-90


Verzwakte autonomie
Falen / mislukken *fa 9-18 19-27 28-36 37-54

Afhankelijk / incompetentie *ai 15-30 31-45 46-60 61-90

Kwetsbaarheid * kw 12-24 25-36 37-48 49-72

Verstrengeld zelf *vz 11-22 23-33 34-44 45-66


Gerichtheid op anderen
Onderwerping *on 10-20 21-30 31-40 41-60

Zelfopoffering *zo 17-34 35-52 53-68 69-102

Goedkeuring zoeken *gz 14-28 29-42 43-56 57-84


Waakzaamheid en inhibitie
Emotionele inhibitie *ei 9-18 19-27 28-36 37-54

Onverbiddelijke hoge eisen /
over kritisch *oo 16-32 33-48 49-64 65-96


Verzwakte grenzen
Gerechtigdheid / grandiositeit *gg 11-22 23-33 34-44 45-66

Onvoldoende zelfcontrole *oz 15-30 31-45 46-60 61-90


Sombere houding

Negativisme / pessimisme *ne 11-22 23-33 34-44 45-66

Bestraffende houding *bes 14-28 29-42 43-56 57-84


Terug naar boven Ga naar beneden
http://www.bestaansverheldering.nl
Fred



Aantal berichten : 158
Leeftijd : 71
Woonplaats : Bovenkarspel
Registration date : 14-01-09

BerichtOnderwerp: Re: De cognitieve theorie   5/8/2011, 11:26

Lukt niet helemaal, maar kan het wel ff toelichten
Er staan steeds vier cijferreeksen achter elk schema Die staan rescptievelijk voor laag, gemiddeld hoog en zeer hoog
Dus daarmee kun je de scores van je eigen schema's in die categorieen plaatsen . Vooral schema's met hoog en zeer hoog verdienen dus zeker je aandacht.
Terug naar boven Ga naar beneden
http://www.bestaansverheldering.nl
Fred



Aantal berichten : 158
Leeftijd : 71
Woonplaats : Bovenkarspel
Registration date : 14-01-09

BerichtOnderwerp: Re: De cognitieve theorie   6/8/2011, 12:42

Ben benieuwd of iemand het voor zichzelf heeft ingevuld en wat het resultaat was.
Terug naar boven Ga naar beneden
http://www.bestaansverheldering.nl
Gesponsorde inhoud




BerichtOnderwerp: Re: De cognitieve theorie   

Terug naar boven Ga naar beneden
 
De cognitieve theorie
Terug naar boven 
Pagina 1 van 1

Permissies van dit forum:Je mag geen reacties plaatsen in dit subforum
Relatie en Depressie :: Documentatie :: Diverse therapien-
Ga naar: